{
  "type": "page", 
	"identifier": "page_165241",
  "title": "Direct aan de slag met het voerspoor",  
  "navtitle": "",
  "url": "/nl/integraalaanpakken/direct-aan-de-slag-met-het-voerspoor",            
  "language": "nl_NL",
      "languages": [{
  "id": 43,
  "value": "dutch",
  "locale": "nl_NL",
  "title": "Direct aan de slag met het voerspoor",
  "url": "/nl/integraalaanpakken/direct-aan-de-slag-met-het-voerspoor"
}],
          "parentPage": {
  "contentItemID": "P165196",
  "language": "",
  "title": "",
  "url": ""
},
					"metadata" :
				{"gkn_pagemetadata": {
  "page_type": {
    "id": "content2_page",
    "name": "Rijke contentpagina"
  },
  "headerimage": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload_mm/f/0/5/28270_fullimage_26424_fullimage_istock-1323860801.psd_test.jpg",
    "width": 1254,
    "height": 705,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": "Close up view of pig feed granules and piglets in background, Smederevac via iStock",
    "photographer": "Smederevac",
    "photographer_hyperlink": "https://www.istockphoto.com/nl/portfolio/Smederevac?mediatype=photography",
    "photo_license": "iStock",
    "photo_license_hyperlink": "https://www.istockphoto.com/nl/legal/license-agreement",
    "source_info": "iStock",
    "source_info_hyperlink": "https://www.istockphoto.com/nl/foto/close-up-view-of-pig-feed-granules-and-piglets-in-background-gm1323860801-409384867",
    "keywords": [
      "brokken",
      "varkensstal"
    ]
  },
  "video_header": "",
  "video_header_mobile": "",
  "startpaginalabel": {"id": ""},
  "startpage_title": "",
  "shownavigation": false,
  "searchidentifier": "",
  "placeholderzoekbox": "",
  "lead": "‘Je bent wat je eet’ – dat geldt ook voor dieren. Het rantsoen heeft grote invloed op de uitstoot van methaan en ammoniak. Zo kan een te hoog eiwitgehalte leiden tot onnodig stikstofverlies en extra ammoniakemissie in stal en mestopslag. Via het voerspoor zijn emissies dus te verlagen, vaak zonder grote investeringen.",
  "headerimages": []
}}
					,
	"sections":			
			[
  {
    "identifier": "pagesection_146156",
    "title": "Natuurinclusieve landbouw Configuratie",
    "link": "/nl/groenkennisnet/paginasectie?pagesectionid=146156&tsobjectid=146156"
  },
  {
    "identifier": "pagesection_146126",
    "title": "Natuurinclusieve landbouw Footer",
    "link": "/nl/groenkennisnet/paginasectie?pagesectionid=146126&tsobjectid=146126"
  },
  {
    "identifier": "pagesection_146172",
    "title": "Natuurinclusieve landbouw Footer legal",
    "link": "/nl/groenkennisnet/paginasectie?pagesectionid=146172&tsobjectid=146172"
  },
  {
    "identifier": "pagesection_146093",
    "title": "Natuurinclusieve landbouw Menu",
    "link": "/nl/groenkennisnet/paginasectie?pagesectionid=146093&tsobjectid=146093"
  }
],
					"contents": [
						{
						"area": "beginhier",
						"title": "Begin hier",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": false,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Een sterk punt van sturen met het voerspoor is dat maatregelen vaak rendabel zijn: ze kunnen de voerefficiëntie verbeteren en passen binnen de dagelijkse bedrijfsvoering. Veel oplossingen zijn bovendien relatief snel toe te passen. Metingen laten zien dat methaanemissies tussen bedrijven onderling sterk kunnen verschillen – in sommige gevallen metmeer dan 30%, ook bij vergelijkbare productie en voeropname. Dat laat zien hoeveel ruimte er zit in slimmer voeren en beter afstemmen op het bedrijf.<\/p><p>Binnen Integraal Aanpakken werken veehouders, voeradviseurs, veevoerbedrijven en onderzoekers samen aan oplossingen voor methaan- en ammoniakreductie. Twee vragen staan daarbij centraal:<\/p><ul><li>Welke voermaatregelen zijn nu al toepasbaar?<\/li><li>Welke oplossingen bieden perspectief voor de lange termijn richting 2030 en 2050?<\/li><\/ul><p><\/p><p>Op deze pagina geven we een overzicht van maatregelen die al toepasbaar zijn én van onderzoek dat binnen Integraal Aanpakken loopt, met voorlopige inzichten.<\/p>"
}
									]
						},
						{
						"area": "maatregelendienualtoepasbaarzijnvoormelkvee:graslandmanagementenkuilkwaliteit",
						"title": "Maatregelen die nu al toepasbaar zijn voor melkvee: Graslandmanagement en kuilkwaliteit",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": true,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>De kwaliteit van gras is bepalend voor de verteerbaarheid van het rantsoen. Goed verteerbaar gras leidt tot minder methaanvorming in de pens. Door tijdig maaien en zuurstofarm inkuilen blijft die kwaliteit beter behouden. Dit zijn maatregelen waar veel veehouders in de praktijk al mee werken.<\/p><p><strong>Tools <\/strong>- Het Netwerk Praktijkbedrijven ontwikkelde de <strong>Kuil van de Toekomst<\/strong>, een tool die melkveehouders helpt om in 7 stappen toe te werken naar de ideale kuil.  Het draait hierbij niet alleen om het op papier zetten van de voorwaarden en uitgangspunten, maar ook om het kiezen van het juiste oogstmoment en het uitvoeren van een bemestingsstrategie die past bij je doelstellingen op gebied van eiwitkwaliteit, methaan- en ammoniakreductie. Vind meer informatie op <a href=\"https://www.netwerkpraktijkbedrijven.nl/kennisbank/in-7-stappen-sturen-op-de-ideale-kuil\" title=\"https://www.netwerkpraktijkbedrijven.nl/kennisbank/in-7-stappen-sturen-op-de-ideale-kuil\" aria-label=\"deze webpagina\" data-wm-linkcode=\"C03\">deze webpagina<\/a>.<\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_519353",
  "id": 519353,
  "alignment": "",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/bf839e1f-2dc3-4934-92d2-b5e2185fb06e_image1292200591489677239.jpg",
    "width": 1280,
    "height": 720,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
									]
						},
						{
						"area": "meerweidegangenversgras",
						"title": "Meer weidegang en vers gras",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": false,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Weidegang vermindert de ammoniakemissie doordat mest en urine minder met elkaar mengen. Daarnaast kan vers gras bijdragen aan lagere methaanemissies, omdat het beter verteerbaar is dan kuilgras.<\/p><p>Uit onderzoek blijkt dat rantsoenen met weidegras in plaats van kuilgras kunnen leiden tot lagere methaanemissies. Ook zomerstalvoeding (het voeren van vers gras in de stal) kan hier in sommige situaties aan bijdragen. De mate van methaanreductie verschilt echter sterk per bedrijf en hangt af van de omstandigheden, zoals het groeistadium van het gras. Jong gras dat direct tijdens het weiden wordt opgenomen, leidt doorgaans tot lagere methaanemissies dan gras in een later (‘ouder’) stadium. Bij zomerstalvoeding wordt het gras meestal in een ouder stadium gemaaid, waardoor dit voordeel ten opzichte van kuilgras grotendeels kan verdwijnen.<\/p><p>Daarnaast verschilt tussen weidegang en zomerstalvoeding waar mest en urine terechtkomen. Bij weidegang worden deze over het perceel verspreid, terwijl ze bij zomerstalvoeding in de mestput belanden. Dit heeft weer invloed op de methaan- en ammoniakemissies uit de mest. Naar deze samenhang en interacties wordt binnen Integraal Aanpakken <a href=\"https://integraalaanpakken.nl/onderzoek-naar-het-voerspoor\" title=\"https://integraalaanpakken.nl/onderzoek-naar-het-voerspoor\" aria-label=\"vervolgonderzoek\" data-wm-linkcode=\"C04\">vervolgonderzoek<\/a> gedaan.<\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_891055",
  "id": 891055,
  "alignment": "CLEAR",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/34782d79-e508-4eb7-af0d-1b69043c8dbf_meer%20weidegang.png",
    "width": 5225,
    "height": 2938,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
									,
									{
  "type": "text",
  "html": "<p><\/p><p><\/p>"
}
									]
						},
						{
						"area": "eiwitverlaginginhetrantsoen",
						"title": "Eiwitverlaging in het rantsoen ",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": true,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Een lager ruw eiwitgehalte in het rantsoen is een bewezen manier om ammoniakemissie te verlagen. Als koeien meer eiwit krijgen dan ze nodig hebben, wordt het overschot via mest en urine uitgescheiden. Dat leidt tot extra ammoniakvorming in stal en mestopslag. Door het rantsoen beter te balanceren, kun je dat voorkomen.<br><br>Uit praktijkervaring en onderzoek binnen het Netwerk Praktijkbedrijven blijkt dat goed gevoerde melkkoeien prima uit de voeten kunnen met lagere ruw eiwitgehalten, zonder verlies aan melkproductie. Waar het gemiddelde ruw eiwitgehalte tussen 2021 en 2024 lag rond 161–165 gram per kilo droge stof, laten praktijkbedrijven zien dat verlaging richting 150 gram per kilo droge stof mogelijk is.<br><br>Een vuistregel uit onderzoek: per gram ruw eiwit per kilo droge stof lager, daalt de ammoniakemissie met ongeveer 1% per koe.<br><br>Belangrijk is wel dat het rantsoen goed wordt afgestemd op energievoorziening en aminozuren. Eiwitverlaging werkt het best in combinatie met goed voeradvies en scherp management.<strong>Tools<\/strong> - Op <a href=\"https://www.netwerkpraktijkbedrijven.nl/kennisbank/lager-ruw-eiwit-de-koe-kan-het-aan\" title=\"https://www.netwerkpraktijkbedrijven.nl/kennisbank/lager-ruw-eiwit-de-koe-kan-het-aan\" aria-label=\"de website van het Netwerk Praktijkbedrijven\" data-wm-linkcode=\"C05\">de website van het Netwerk Praktijkbedrijven<\/a> vind je praktische handvatten, voorbeelden en aandachtspunten om aan de slag te gaan met het verlagen van het ruw eiwitgehalte bij melkvee.<\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_890724",
  "id": 890724,
  "alignment": "CLEAR",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/157d2dfe-47e4-4a12-bcdb-43b6f1a8e973_Untitled-1.png",
    "width": 5225,
    "height": 2938,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
									]
						},
						{
						"area": "vetrijkegrondstoffenenadditieven",
						"title": "Vetrijke grondstoffen en additieven ",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": false,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Door het rantsoen aan te passen, is de methaanvorming in de pens gericht te beïnvloeden. Vetrijke grondstoffen en specifieke voeradditieven zijn maatregelen die hierop aangrijpen. Ze zijn in veel gevallen al toepasbaar in de praktijk, mits goed ingepast in het totale rantsoen.<\/p><h2 data-wm-anchor-id=\"Vetrijke_grondstoffen-anchor\"><strong>Vetrijke grondstoffen<\/strong><\/h2><p>Het voeren van vetrijke grondstoffen kan de methaanvorming in de pens op verschillende manieren verlagen, afhankelijk van het type vet dat wordt gebruikt. Sommige vetten, zoals pensbestendige vetten, leveren extra energie waardoor minder andere grondstoffen gevoerd hoeven te worden. Omdat deze vetten niet in de pens worden omgezet tot methaan en het voeren van andere grondstoffen kan worden verlaagd, neemt de totale methaanemissie af.<br><br>Andere vetrijke grondstoffen, zoals specifieke vetzuren uit behandeld lijnzaad, remmen de methaanvorming juist direct in de pens. In Nederland ligt het vetgehalte van melkveerantsoenen gemiddeld tussen de 3,5 en 4%. Dit kan worden verhoogd tot circa 6,5 à 7% zonder directe negatieve effecten op de pensfermentatie. Daarmee kan ruwweg een methaanreductie van 4 tot 12% worden bereikt.<br><br>Het type vet is hierbij bepalend. Voor het verkrijgen van sommige vetten komen bij de productie al aanzienlijke broeikasgasemissies vrij, waardoor ze minder aantrekkelijk zijn vanuit klimaatoogpunt. Andere vetten beïnvloeden de vetsamenstelling van de melk, wat van belang is voor de verwerkbaarheid, bijvoorbeeld bij verkazing.<\/p><h2 data-wm-anchor-id=\"Methaanverlagende_additieven-anchor\"><strong>Methaanverlagende additieven<\/strong><\/h2><p><strong><\/strong>Naast vetrijke grondstoffen zijn er voeradditieven die zich specifiek richten op het verlagen van methaanvorming in de pens. Voorbeelden zijn 3-NOP (Bovaer), nitraat, monensin en bepaalde essentiële oliën. Een bekend en uitgebreid onderzocht additief is Bovaer (3-NOP). Dit grijpt direct in op het methaanvormingsproces in de pens. Bovaer heeft geen effect op ammoniakemissies, maar laat in verschillende onderzoeken een methaanreductie van circa 20–30% zien. Op dit moment worden ook andere additieven onderzocht.<br><br>De effectiviteit van methaanverlagende additieven is afhankelijk van het rantsoen, het productieniveau en de manier waarop het additief wordt toegepast.<br><br>Lees meer over het voerspoor in het <a href=\"https://integraalaanpakken.h5mag.com/integraal_aanpakken/voerspoor\" title=\"https://integraalaanpakken.h5mag.com/integraal_aanpakken/voerspoor\" aria-label=\"Integraal Aanpakken online magazine\" data-wm-linkcode=\"C07\">Integraal Aanpakken online magazine<\/a>.<\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_890521",
  "id": 890521,
  "alignment": "CLEAR",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/ba19b192-2eeb-4a42-a0dc-c51e3c41d5d2_metaan%20en%20vet.png",
    "width": 5225,
    "height": 2938,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
									]
						},
						{
						"area": "maatregelendienualtoepasbaarzijnvoorvarkens:benzoëzuurtoevoegenaanhetvoer",
						"title": "Maatregelen die nu al toepasbaar zijn voor varkens: Benzoëzuur toevoegen aan het voer",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": true,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Benzoëzuur kan in een concentratie van 0,5–1,0% aan het varkensvoer worden toegevoegd. Het belangrijkste effect van benzoëzuur is dat het de urine verzuurt. Hierdoor wordt de omzetting van stikstof naar ammoniak geremd, wat leidt tot een lagere ammoniakemissie in de stal.<\/p><p>Bij jonge dieren, zoals biggen, kan benzoëzuur daarnaast een positieve werking hebben op de darmgezondheid. Een beter functionerend maagdarmkanaal draagt bij aan een efficiëntere vertering van het voer, wat indirect kan bijdragen aan een lagere stikstofuitscheiding.<\/p><p>Doordat benzoëzuur ook de pH van de (meng)mest verlaagt, is de verwachting dat het de activiteit van methaanvormende bacteriën in de mest kan remmen. Daarmee zou toevoeging van benzoëzuur aan het voer mogelijk ook kunnen bijdragen aan een lagere methaanvorming tijdens mestopslag. Onderzoeksresultaten laten hier echter wisselende effecten zien. De mate waarin methaanreductie optreedt, lijkt sterk afhankelijk van de omstandigheden in de mestopslag en de totale bedrijfsvoering.<br><\/p><p>Benzoëzuur is opgenomen op de RAV-lijst als maatregel voor ammoniakreductie.<br><\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_519357",
  "id": 519357,
  "alignment": "CLEAR",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/1fdf50c2-ac0a-4e3f-84fe-17fe0abfa665_benzoezuur.png",
    "width": 5225,
    "height": 2938,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
									]
						},
						{
						"area": "eiwitgehalteinhetvoerverlagen",
						"title": "Eiwitgehalte in het voer verlagen  ",
						"contentarea_template": { "id": "contenttemplate_text", "name": "contenttemplate_text"},"background": false,"contentarea_leadtext": "","image": {"error": "no image selected"},
						"elements": [
									{
  "type": "text",
  "html": "<p>Wanneer varkens meer eiwit krijgen dan ze nodig hebben, wordt een groter deel van de stikstof uitgescheiden via de urine in de vorm van ureum. Dit ureum vormt, bij contact met mest en lucht, ammoniak in de stal.<br><br>Door het ruweiwitgehalte in het voer te verlagen en tegelijkertijd het rantsoen goed te balanceren met essentiële aminozuren, kan de ureumuitscheiding via de urine worden verminderd. Hierdoor ontstaat minder ammoniakvorming in de stal.<br>Deze maatregel heeft geen reducerend effect op methaanemissies, omdat methaanvorming bij varkens vooral plaatsvindt tijdens mestopslag en niet direct samenhangt met het eiwitniveau in het voer.<br><br>Eiwitverlaging is opgenomen op de RAV-lijst en wordt in de praktijk vooral toegepast bij vleesvarkens, waar het goed inpasbaar is zonder negatieve effecten op groei en voerefficiëntie.<\/p><h2 data-wm-anchor-id=\"Onderzoek-anchor\">Onderzoek<\/h2><p>Meer informatie over onderzoek naar het voerspoor vind je <a href=\"https://integraalaanpakken.nl/onderzoek-naar-het-voerspoor\" title=\"https://integraalaanpakken.nl/onderzoek-naar-het-voerspoor\" aria-label=\"hier\" data-wm-linkcode=\"C02\">hier<\/a>.<\/p><p><\/p>"
}
							,
							  	{
  "type": "image",
  "identifier": "element_891059",
  "id": 891059,
  "alignment": "CLEAR",
  "alternative_text": "",
  "sub_text": "",
  "image": {
    "source": "https://api.groenkennisnet.nl/upload/46c72a0b-6c45-4c08-94f3-fe264162e0c0_eiwit%20varken.png",
    "width": 5225,
    "height": 2938,
    "focuspoint-x": -1,
    "focuspoint-y": -1,
    "alternative_text": ""
  },
  "link": {}
}	
					]
		}
		]			
}